Componisten menu

ShareShare | print|
E-mail deze pagina

Schampaert, Jozef

Kalfort-Puurs, 18/02/1899 > Willebroek, 11/01/1985

Biografie

Schampaert, Jef

door Adeline Boeckaert

Jef Schampaert kreeg de muziek met de paplepel ingegoten: zijn vader was koster-organist en dirigeerde verschillende muziekverenigingen uit de omgeving van Puurs. De jonge Jef toonde reeds als kind dat hij muzikaal talent had. Hij bouwde bijvoorbeeld zelf een viooltje, bestaande uit een ruw stuk hout met daarop een enkele snaar gespannen. Zijn eerste lessen notenleer kreeg hij van zijn vader, vioolles volgde hij bij Jef De Nil in Puurs. Op elfjarige leeftijd schreef hij zijn eerste 'compositie': een kort stukje voor piano.

Later studeerde hij aan het Conservatorium van Brussel bij leraars als Richard Kips, Raymond Moulaert en Louis De Bondt. Toen de Eerste Wereldoorlog uitbrak, moest hij noodgedwongen zijn studies onderbreken. De verbinding tussen Kalfort en Brussel was immers onmogelijk. Na de oorlog trok hij naar het Conservatorium van Antwerpen, waar hij harmonie volgde bij Lodewijk Ontrop en August De Boeck, orgel bij Arthur De Hovre, contrapunt en fuga bij Lodewijk Mortelmans en kunstgeschiedenis bij Arthur Cornette.

Met zijn Scherzo voor vier violen behaalde Schampaert in 1924 de prijs Albert de Vleeshouwer voor compositie. Het is echter vooral in zijn symfonische werken dat hij zich van zijn sterkste kant laat zien. Flor Alpaerts had hem tijdens enkele privélessen de geheimen van orkestratie en compositie bijgebracht en onder diens leiding werd Schampaerts werk ook uitgevoerd. Op 6 februari 1929 vond in de feestzaal van de Dierentuin de première van zijn Tragisch-komische-fantaisie onder de leiding van Alpaerts plaats. Later volgden uitvoeringen van onder meer zijn Horizonten, Rhythmendans en Sotterniën.

Hij beperkt zich echter niet tot het symfonische genre, maar beoefende zowat alle genres en stijlen. Zijn oeuvre omvat naast negenentwintig orkestwerken, ook negentien composities voor klein ensemble, eenentwintig solowerken, een opera, negen koorwerken, negenentwintig composities voor begeleide solisten (meestal tenor), een kindercantate, een kinderballet en een suite van acht kinderliederen op teksten van Tine Rabhooy.

In 1929 stond Schampaert mee aan de wieg van de Gemeentelijke Muziekschool in Willebroek. Hij werd er aangesteld als bestuurder-leraar. In deze hoedanigheid schreef hij zijn Kleine Harmonieleer, een pedagogisch werkje dat vroeger vrij algemeen in de muziekacademies als handboek werd gebruikt. In 1942 werd hij leraar harmonie aan het Koninklijk Vlaams Conservatorium in Antwerpen.

© Studiecentrum voor Vlaamse Muziek - Adeline Boeckaert