Van Schoor, Hendrik

Antwerpen, 07/08/1887 > Antwerpen, 30/10/1954

Biografie

Van Schoor, Hendrik

door Evy De Smedt

Hendrik Van Schoor volgde les aan het Koninklijk Conservatorium van Antwerpen bij Emile Bosquet (piano), Arthur De Hovre (orgel), August De Boeck (harmonie) en Lodewijk Mortelmans (contrapunt en fuga). Vanaf 1914 werd hij er aangesteld als leraar notenleer, en gaf hij les aan o.a. Denise Tolkowsky. In 1946 werd hij er bevorderd tot leraar harmonie. Naast zijn werk als leraar was Hendrik Van Schoor ook actief als pianist, organist, koordirigent en componist.

Als componist liet Van Schoor zich vooral opmerken met zijn liedproductie. Hij schreef zowel volkse liederen als kunstliederen, waarvan er aantal positief onthaald werd. Zo schreef Emiel Hullebroeck: “Stemmingstukjes die zoo gevoeld en tevens zóó kleurrijk zijn als Schoone Nacht, hebben wij te weinig in onze Vlaamsche muziek. Het is een juweeltje dat wel iedere befaamde toondichter zou willen onderteekenen”. Over de religieus geïnspireerde Gezelleliederen, Gebenedijd zijt Gij, O wonderlijk mysterie groot en Gij die hebt den schat gevonden, schreef Hullebroeck: “Dit werk rangschik ik zonder aarzelen onder het beste dat van dien aard in Vlaanderen is verschenen”.

Van Schoor schreef daarnaast ook graag werken voor meerdere stemmen, zoals Zang der zee voor vierstemmig koor, op tekst van Eugeen van Oye. Andere voorbeelden zijn Lentevreugd (voor gemengd koor) en de motetten Panis Angelicus en O Salutaris, voor drie gelijke stemmen met begeleiding orgel, snaren, houtwerk en hoorn. Een uitzonderlijk werk in Van Schoors oeuvre is het lyrische kerstpel Pax uit 1920, op tekst van Jef Crick, voor gemengd koor, kinderkoor en orkest. Lambrecht Lambrechts schreef in een recensie over dit werk: “Ik meen dat de muziek van Van Schoor, die een vrij belangrijke rol vervult in Pax, nog zoo spoedig niet in de kartons zal verdwijnen. Zijn kunst is altijd sober en voornaam. Zijn faktuur dient zoo goed als vlekkeloos te heeten. Hij heeft de moderne meesters grondig bestudeerd, hij blijkt nochtans uit te gaan van de classieken”.

Naast liederen en koormuziek schreef Van Schoor ook verschillende piano- en orgelwerken, zoals Mazurka, Idylle en Kleine suite voor klavier. Voor viool componeerde hij het werk Caprice.

© Studiecentrum voor Vlaamse Muziek vzw - Evy De Smedt