Ga verder naar de inhoud

Decennialang heeft Arthur Meulemans als componist, dirigent en pedagoog een bepalende rol gespeeld in het Vlaamse muziekleven. Onmiddellijk na zijn studies bij Edgar Tinel (1854-1912) aan het Lemmensinstituut in Mechelen werd hij aan diezelfde instelling aangesteld als leraar harmonie. Van 1916 tot 1930 was hij directeur van de Limburgse Orgel- en Zangschool om dan naar Brussel te verhuizen waar hij dirigent werd van het omroeporkest. In die hoedanigheid dirigeerde hij veel nieuwe Belgische en internationale muziek. Aangespoord door de dagelijkse omgang met het orkest componeerde hij een indrukwekkende reeks symfonische werken. Meulemans liet dan ook een zeer omvangrijk oeuvre na: meer dan honderd orkestwerken (waaronder vijftien symfonieën en meer dan veertig concerterende werken), drie opera's (Adriaan Brouwer, Vikings en Egmont, alle uitgevoerd in de Koninklijke Vlaamse Opera te Antwerpen), elf missen, drie Te Deums, oratoria, cantates, religieuze en profane koormuziek, orkest- en pianoliederen, kamermuziek en piano-, orgel- en beiaardcomposities. Een aparte plaats nemen zijn openluchtspelen in. Het bekendste is Sanguis Christi, een indrukwekkende partituur geschreven voor de evocatie van het Heilig Bloedspel in Brugge. Meulemans dirigeerde het werk meer dan vijftig keren, met groot succes.

Meulemans zag zijn Evasies als een vlucht uit de werkelijkheid, met vijf contrasterende delen waarin hij korte ideeën en invallen van het moment verwerkt. In de levendige inleiding (Allegro) presenteren de hoorns en trombones melodieën die virtuoos door de houtblazers en de snaarinstrumenten omspeeld worden. Het tweede deel (Andantino) ademt avondmuziek. Subtiel ondersteund door het slagwerk, weven de altviolen een deinend tapijt, waarboven de hoorn en de houtblazers hun melodieuze frases blazen. Na een korte climax volgt onmiddellijk de verstilling. Het derde deel (Poco vivo) is een typisch scherzo, vol kleur en ritmische variatie. Na een dromerige nocturne (Lento) met mooie solo's voor viool, cello en harp sluit een briljante finale (Allegro giocoso) deze orkeststudies af.

Evasies werd opgenomen door het Vlaams Radio Orkest onder de leiding van Jan Latham-Koenig (Flemish Connection IV, Et'cetera KTC 4002, 2004).

Duurtijd: ca. 12'30".

Facsimile van een partituur uit de bibliotheek van het Koninklijk Conservatorium van Antwerpen. Voor het orkestmateriaal, gelieve u te wenden tot het Studiecentrum voor Vlaamse Muziek (www.svm.be).